donderdag 12 februari 2015

Een stukje alvast

Ik ben een boek aan het schrijven, maar wat vinden jullie van dit stukje van hoofdstuk 1?

Een doosje eieren, een kuipje boter en een zak appels. Wat zoet beleg en extra vleeswaren.
Wat vergeet ik nu?
Een doosje, een kuipje en een zak, wat zoet en wat extra en…
Ik ben echt slecht in die ezelsbruggetjes om te onthouden wat ik moet halen, lijstjes werken voor mij veel beter.
O ja, ik moet dat tijdschrift voor mijn vader halen, over doe-het-zelf-mannen of zoiets. Als ik die zou vergeten dan zou hij de rest van dag niet te pruimen zijn tot ik morgen opnieuw boodschappen ging doen. Ik neem ook meteen mijn eigen tijdschrift mee. En een zak met van die zoute dropjes, zelf ben ik er niet zo dol op, maar Luca vind ze echt heerlijk. Luca is onze huishoudster, en ze is er bijna altijd.
Mijn vader kan niet voor zichzelf zorgen, en in mijn eentje red ik het niet laat maar zeggen.
Het uitzicht hier is echt geweldig, en ik heb lekker lang de tijd om er van te genieten aangezien ik nu 10 km naar huis mag gaan fietsen.
We wonen op een kleine boerderij, mijn pa en ik, zo’n 10 km van het kleinschalige dorpje waar ik net boodschappen deed, en nog verder weg van de echte bewoonde wereld waar normale tieners meestal zijn.
Ik ga hier ook gewoon naar school, in dit dorpje genaamd Koesburg. Er is 1 school die zowel basisonderwijs als middelbare onderwijs geeft, in dat geval heb ik best geluk (dat ik niet nog is 20 km verder moet fietsen naar school bedoel ik),er is dus die kleinschalige supermarkt die alleen het hoognodige verkoopt, een postkantoor hebben ze ook, een kleine bioscoop die alleen films draait voor 3-jarige en 78-jarige en dan heb je nog een oud leegstaand gebouw dat gebruikt wordt door de jongere zonder leven die minstens 4 keer per week de moeite nemen om hier heen te fietsen om dan rond te hangen met andere levenloze tieners. Daar ben ik dus geen van.

Ik woon dus op een gezellige boerderij met een super landschap eromheen. Met een heleboel dieren natuurlijk. We hebben een paard (zijn naam is Angelo, en hij is van mij, maar ik kan dus geen paardrijden, dus eigenlijk staat hij daar maar niks te doen), 3 koeien ( we maken zelf onze kaas en drinken de melk van onze koeien, Martha en Clara) 2 varkens (die hebben we alleen omdat we die er bij kregen toen we de boerderij kochten (mijn vader dan)  maar we doen er verder niet veel mee) 45 kippen (Ik hoef niet te vertellen dat we dankzij Kippie, Kip, Kiep , Kop en de 41 andere elke zondagmorgen een lekker eitje hebben bij ons ontbijt).
O en we hebben nog 2 honden (Mike en Lola) 3 katten (Missie, Rook en Worst), een vissenkom met een stuk of 31 vissen, een papegaai (vraag er maar niet naar) en fret (die heet gewoon fret).
En met mij en mijn vader er bij, is het een aardige beestenboel hier.
Naast al die hokken voor al die dieren – voor als het koud is; de meeste dieren lopen of gewoon buiten in een grote weide, of gewoon los – hebben we een giga zwembad (met jacuzzi) en een grote schuur waar ik meestal ga zitten om tot rust te komen. Andere plekjes waar ik graag tot rust kom zijn bijvoorbeeld de oude boomhut die er al zat voor dat wij hier woonde, in het hondenhok (ik ben niet echt groot, en dat hok niet echt klein), ik zit eigenlijk bijna nooit op mijn kamer, hij is best klein en ik maak mijn huiswerk gewoon buiten. Zelfs in de winter. Ik houd er niet van om binnen te zijn, dan voel ik me opgesloten. Daarom is het zo fijn om zoveel grond te bezitten.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten